Onderbouwing

Van bedrijfscatering tot verjaardagsfeestjes, wij doen alles om u te ontzorgen.

Duurzaamheidsstrategie 2026

Wij zitten niet in een eiwittransitie, maar in een sourcingtransitie. De manier waarop voedsel wordt geproduceerd bepaalt wat het is en welke plek het op het bord verdient.

Kernvisie: van eiwittransitie naar sourcingtransitie

Wij geloven niet dat we consumenten moeten dwingen tot gedragsverandering, maar dat we het aanbod moeten aanpassen aan wat de aarde ons kan geven. Wij zitten niet in een eiwittransitie, maar in een sourcingtransitie. De manier waarop voedsel wordt geproduceerd, bepaalt wat het is en welke plek het op het bord verdient.

Pijler 1: regeneratieve sourcing

Wij werken primair samen met boerderijen die de bodemgezondheid, biodiversiteit en ecosystemen actief herstellen in plaats van uitputten. Regeneratieve landbouw draagt bij aan CO2-reductie door koolstofopslag in de bodem en is volgens ons de enige toekomstbestendige weg vooruit voor de landbouw. Het gaat hand in hand met het optimaliseren van de output op het gebied van smaak en nutriëntrijkheid, wat ten goede komt aan de gezondheid van de samenleving en maatschappelijke kosten voorkomt.

Groenten. Wij gebruiken uitsluitend groenten van regeneratief werkende boerderijen. Omdat deze geteeld worden op een levende bodem zonder pesticiden, zijn ze nutriëntrijker en gezonder dan groenten uit de conventionele teelt.

Vlees en vee. Vee is essentieel in een regeneratief systeem voor begrazing en bemesting, maar is geen massaproduct. Vlees van regeneratieve boerderijen is goed en moet gegeten worden om de kringloop in stand te houden, maar het aanbod is van nature beperkt.

De consequentie. Als alle boeren regeneratief werken, daalt het totale vleesaanbod automatisch. Deze ecologische beperking forceert de transitie vanzelf; daar hoeven wij niet actief op te sturen via idealisme.

Pijler 2: plantaardig als basis, dierlijk als toevoeging

Het uitgangspunt blijft plantaardig als norm. Dierlijke producten zijn een luxe-uitzondering die de seizoenen en de natuurlijke cycli van de boerderij volgt.

Budget. Maximaal 10 tot 20 procent van het inkoopbudget mag besteed worden aan vlees, mits dit van een regeneratieve bron komt. Dit sluit aan bij de realiteit dat vlees in een gezond voedselsysteem een schaarser product is.

Visbeleid. Het 0%-visbeleid wordt aangepast: mosselen en oesters zijn toegestaan. Dit zijn lagere trofische soorten die vaak een filterende en herstellende werking hebben op de waterkwaliteit, wat past binnen de regeneratieve gedachte. Deze zijn nagenoeg per definitie duurzaam en kunnen gerust gegeten worden.

Focus. Gezondheid en smaak staan voorop. Wij serveren geen vervangers, maar volwaardige gerechten gebaseerd op de rijke oogst van regeneratieve landbouw.

Pijler 3: lokaal en seizoensgebonden

Wij werken zo lokaal mogelijk om de keten te verkorten en de kwaliteit en versheid van producten te garanderen.

Logisch gevolg. Omdat wij samenwerken met regeneratieve partners, werken we per definitie seizoensgebonden. Een regeneratieve boerderij kan niet produceren wat het seizoen niet toelaat.

Kwaliteit. Lokaal werken is voor ons geen dogmatische beperking, maar een kwaliteitsimpuls. Producten van dichtbij zijn verser en hebben minder kilometers afgelegd, wat past bij een voedselsysteem dat in verbinding staat met zijn omgeving.

We geloven dat de toekomst van catering veel meer plant-forward is dan vandaag. Daarom leggen we onze ambities niet alleen intern vast, maar laten we ze ook extern toetsen. Via Eiwitstand.nl van ProVeg worden cateraars vergeleken op hun aandeel plantaardige voeding en de stappen die zij zetten richting een duurzamer voedselsysteem. Transparant, meetbaar en publiek inzichtelijk. Precies zoals wij vinden dat duurzame verandering hoort te zijn.
Gasten pakken hapjes van schalen op een gedekte tafel.

Één keer proeven zegt meer dan elke offerte.